Verrijken van de leerstof

verrekijker

Wanneer u rekenen, taal en andere vakgebieden hebt gecompact, houden de leerlingen dagelijks structureel tijd over. Deze tijd wordt besteed aan verrijkingsonderwijs. Het kenmerk van verrijkingsonderwijs is dat het een wezenlijk ander leerstofaanbod betreft, waar kinderen ook daadwerkelijk iets van leren. Het gaat dus niet om meer werk, maar om inhoudelijk echt ander werk. Verrijkingsonderwijs valt te verdelen in verbreding en verdieping.

Onder verbreding verstaan we die leerstof die een aanvulling op de kerndoelen van het basisonderwijs vormt. Daar vallen bijvoorbeeld vreemde talen, maar ook computervaardigheden onder. Onder verdieping verstaan we die leerstof die een verdieping van de reguliere stof vormt en waardoor een leerling over een specifiek onderwerp, dat wel tot het reguliere aanbod behoort, meer kennis en vaardigheid opdoet.

Als op alle vakgebieden compacting heeft plaatsgevonden, is het verstandig om ook voor alle vakgebieden verrijking te verzorgen. Om daarbij de leerling zoveel mogelijk het gevoel te geven dat er tevens voor aansluiting bij de groep gezorgd wordt, verdient het aanbeveling om de verrijkingsstof zoveel mogelijk te laten aansluiten bij het reguliere aanbod. Dat wil bijvoorbeeld zeggen dat, als alle kinderen met taal bezig zijn, het meer- of hoogbegaafde kind dat ook is. Op deze manier wordt er tevens voor zorggedragen dat kinderen leren langere tijd achtereen met hetzelfde vakgebied bezig te zijn.

We spreken pas van een structureel verrijkingsaanbod als de leerstof vast onderdeel uitmaakt van het wekelijks programma van de leerling. Bovendien moet gestreefd worden naar vooraf gestelde doelen en moeten de resultaten beoordeeld worden. Dit betekent dat de verrijkingsstof wordt opgenomen in de (gecompacte) weektaak. De leerling krijgt begeleiding bij de planning en inhoudelijke verwerking van de verrijkingsstof en het gemaakte werk wordt nagekeken en beoordeeld. Op het rapport van de leerling moet ruimte gemaakt worden om de vorderingen van ook dit onderwijsaanbod goed te registreren en ook voor leerling en ouders zichtbaar te maken. Een structureel onderwijsaanbod dat niet op het rapport vermeld wordt, zal door de leerling niet serieus genomen worden.

 

Bron: E. van Gerven